|
Hoofdstuk
4
: DE KRONIEK VAN HET JAAR 1953 - Luitenant-kolonel
S.B.H. G. Vivario wordt commandant van het bataljon, tot 13 februari 1953, als
vierde bevelsperiode. 28 januari 1953. - Het bataljon neemt
stellingen in bij Chatkol, samen met het 7de Regiment van de 3de Amerikaanse
Infanteriedivisie. 13 februari 1953. - Luitenant-kolonel
R. Gathy wordt commandant van het bataljon, tot 12 juli 1953, als tweede
bevelsperiode. 15 februari 1953. - Getalsterkte van
het bataljon : 805 vrijwilligers. 23 februari 1953. - Korporaal F.
Hendrickx sneuvelt te Ju-Yong-Ni. 28 februari 1953. - Getalsterkte van
het bataljon : 982 vrijwilligers. Maart 1953. - Het overlijden van
partijleider Stalin en de nieuwe Amerikaanse president, Eisenhower blijken de
voornaamste elementen te zijn voor de definitieve onderhandelingen i.v.m. de
wapenstilstand. Er wordt al
begonnen met de uitwisseling van zieke en gewonde krijgsgevangenen. 9 maart 1953. - Er is hevig
artillerie-vuur op de Belgische stellingen. - Het bataljon
levert harde gevechten in Chatkol, bij de heuvel 'Carol'.
Dit zal bekend worden als 'De 55 nachten van Chatkol'.
Hevige gevechten vinden plaats op 24-25 maart, 7-8 april en 17-19 april
1953. - Sneuvelden :
sergeant M. Caesteker, korporaals K. Leemans, M. Roox, soldaten R. Schelfout en
F. Verberne te Chatkol. Overleed in bevolen dienst soldaat P. Goubert, te
Chatkol. - Soldaat A. Van den
Bossche wordt vermist tijdens een gevechtsactie. 12 maart 1953. - Een voorpost van
de A-compagnie wordt aangevallen door ongeveer 15 Chinezen maar de aanval wordt
afgeweerd. Dit zal nogmaals
gebeuren op 17 maart 1953. 20 maart 1953. - Overleden in
bevolen dienst te Chatkol : soldaten E. Amond en A Defraine, ingevolge de
instorting van een bunker, na een zware artillerie-beschieting.. 25 maart 1953. - Sneuvelden te
Chatkol : soldaten W. De Nijs, H. Janssens en L. Schoenmaekers.
30 maart 1953. - Kapitein
P. Gailly sneuvelt te Chatkol. Het
verkenningsvliegtuig, waarin P. Gailly het niemandsland overvloog, wordt
neergeschoten door een Chinese mitrailleur.
Wegens de sterke Chinese artillerie kan niet onmiddellijk een patrouille
ter plaatse worden gezonden. Het
lichaam van P. Gailly kan niet worden teruggevonden. 2 april 1953. - Getalsterkte van
het bataljon : 1028 vrijwilligers. 5 april 1952. - In het Belgisch
Staatsblad (Nr. 1227 van de Bijlagen der V.Z.W.'s) worden de statuten
gepubliceerd van de Nationale Verbroedering.
Deze statuten werden opgemaakt door de betaalmeester van het eerste
bataljon, kapitein-commandant N. Nicodème. 6 april 1953. - Overleed in
bevolen dienst : soldaat J. Watrisse, te Chatkol. 8 april 1953. - Sneuvelden te
Chatkol : sergeanten A. Lelangue, A. Paumen, korporaals, C. Comptard, F. Demol,
R. Lemaire, soldaten D. Bosmans, C. Braeckman, G. De Geest, M. Jaspaert, W.
Paris. Overleed in bevolen dienst te Chatkol : soldaat J. Verheyden.
16 april 1953. - Getalsterkte van
het bataljon : 879 vrijwilligers. 19 april 1953. - Korporaal A.
Pierar sneuvelt te Chatkol. 1 mei 1953. - Soldaat R. Thomas
overlijdt in bevolen dienst te Chatkol. 11 mei 1953. - Korporaal A.
Cantarella sneuvelt. 25 mei 1953. - Korporaal G.
Verdonck en soldaat L. Liekens sneuvelen te Sandong-Ni. 27 mei 1953. - Soldaat F. Claesen
sneuvelt te Sandong-Ni. 11 juni 1953. - Soldaat D.
Rensonnet overlijdt in bevolen dienst te Sandong-Ni. 25 juni 1953. - Korporaal M. Nauts
sneuvelt te Sandong-Ni. 1 juli 1953. - Getalsterkte van
het bataljon : 845 vrijwilligers. - Soldaat R.
Bardiaux sneuvelt te Sandong-Ni. 3 juli 1953. - Korporaal J.
Burniaux sneuvelt te Munam-Ni. 12 juli 1953. - Majoor Bodart
wordt commandant van het bataljon, tot 23 augustus 1953, als eerste
bevelsperiode. - Korporaal C. Frere
sneuvelt te Chtakol. 16 juli 1953. -- Er vertrekken
ook, vanuit Melsbroek, 18 rijkswachters van het 'Belgisch Provoostschap', onder
de leiding van 1ste sergeant-chef Dasnoy. Dit
provoostschap heeft de opdracht de vrijwilligers te benaderen : "Door
het aannemen van een diplomatische en bevoegde houding, zich opdringen door
energie, oprechtheid, plichtsbewustzijn en vooral begrip."
Vanaf 7 augustus 1953 zal het provoostschap dagelijks zorgen voor twee
patrouilles naar Seoel : "Ter
controle van militaire transporten en militaire dokumenten, van de off-limits en
kledij; voor het opsporen van deserteurs en afwezigen."
Het provoostschap stond ter beschikking van de Militaire Auditeur, ter
naleving van de Belgische wetten. In noodgevallen kon beroep worden gedaan op de
Amerikaanse M.P. 27 juli 1953. - De wapenstilstand
wordt getekend in Pan-mun-jom, na besprekingen die begonnen waren op 20 juli
1953. Dit betekent toch geen vrede
tussen Noord- en Zuid-Korea. De
president van Zuid-Korea, Syngman Rhee weigert zelfs de wapenstilstand te
ondertekenen. - De op dat ogenblik
bestaande gevechtslinie wordt ook de demarcatielijn. De uitwisseling van
krijgsgevangenen begint. - Na de
wapenstilstand zullen nog zes Belgische vrijwilligers sneuvelen of overlijden in
bevolen dienst. 4 augustus 1953. - Twee
vrijwilligers, soldaten R.D. en L.V. deserteren uit het bataljon en lopen over
naar Noord-Korea. 5 augustus 1953. - De enige Belgische
krijgsgevangene, soldaat V.d.B. wordt vrijgelaten te Pan-mun-jom. 7 augustus 1953. - Het bataljon
bevindt zich - samen met de 3de Amerikaanse divisie in Pango-Ri, op 25 km van de
demarcatielijn en zal er blijven tot 1 mei 1954. Deze periode wordt gebruikt om de over blijvende
vrijwilligers en de nieuw aangekomen leden van het bataljon te trainen.
Er bestaat inderdaad nog steeds een kans dat de vijandelijkheden zullen
heropend worden. - Korporaal E.
Vamecq overlijdt in bevolen dienst te Pango-Ri. 23 augustus 1953. - Majoor Brichant
wordt commandant van het bataljon, tot 20 september 1953, als eerste
bevelsperiode. 4 september 1953. - Getalsterkte van
het bataljon : 935 vr ijwilligers. 20 september 1953. - Luitenant-kolonel
Bodart wordt commandant van het bataljon, tot 19 december 1953, als tweede
bevelsperiode. 14 oktober 1953. - Sergeant K. van de Merlen en soldaat W. Verleyen overlijden in bevolen dienst. - Soldaat O.
Deblanger overlijdt in bevolen dienst. 19 december 1953. - Majoor Brichant
wordt commandant van het bataljon, tot 27 februari 1954, als tweede
bevelsperiode. 31 december 1953. - Getalsterkte van
het bataljon : 773 vrijwilligers. Over het verblijf in
een militair hospitaal. (Getuigenis van soldaat
W.V.P.) - Tijdens een lange patrouille, in maart 1953, kreeg ik
een bevroren voet, want ik had heel in het begin in het water van een
rijstveldje getrapt en moest daarna nog vele uren verder.
In drie tenen had ik geen gevoel meer en ik diende vier weken in het
hospitaal te blijven, waar ik regelmatig inspuitingen kreeg.
Ik was daar naartoe gezonden door dokter Guérisse.
Om naar het hospitaal te gaan werd een 'spoorbus' gebruikt, die wielen
had vooraan en achteraan, die konden worden neergelaten; zó kon de bus op de
spoorstaven rijden. Ik had in 24
uur niet gegeten en kreeg 's morgens alleen een kommetje 'chichen-soep' en een
boterham; als middageten kreeg ik een schep puree en rauwe selder met daarop
pindanoten-boter en veel vlees. - Ik was ook nog eens 8 dagen in het hospitaal voor een voedselvergiftiging; velen mannen waren ziek na het eten van wellicht
bedorven kalkoen.
|